Elk jaar worden in totaal zo'n 70.000 honden en katten dakloos. Ze zijn verdwaald, afgedankt of er kan door omstandigheden niet meer voor ze worden gezorgd. Al deze dieren worden liefdevol opgevangen in asielen. Voor maar liefst 90 procent van deze dieren wordt gelukkig snel een nieuw tehuis gevonden.
De Dierenbescherming werkt samen met circa honderd asielen, waarvan er zo'n 45 onderdeel zijn van onze organisatie. Wij ondersteunen de asielen op verschillende manieren. Asielmedewerkers kunnen bijvoorbeeld deelnemen aan cursussen en trainingen, we begeleiden het behalen en behouden van de Erkenning en bieden zoveel mogelijk hand- en spandiensten. Met campagnes en voorlichting worden de asielen zo veel mogelijk geholpen met de herplaatsing van honden en katten.
Als we het hebben over ‘de asielen’ dan verstaat praktisch iedereen daaronder honden- en kattenasielen. Op deze pagina’s vindt u daarover alle mogelijke informatie. De opvang van dieren beperkt zich echter niet alleen tot honden en katten. Jaarlijks moeten ook talloze exotische dieren, vogels, en alle mogelijke zoogdieren uit het wild worden opgevangen. Deze vaak zeer specialistische vorm van dierenopvang is in handen van particuliere organisaties, die met weinig geld en veel liefde voor dieren hun belangrijke werk doen. Waar nodig kunnen deze specialistische opvangcentra rekenen op onze (financiële) steun. Vaak gebeurt dat door lokale afdelingen van de Dierenbescherming.
Sinds 2002 kunnen Nederlandse asielen in aanmerking komen voor een officiële erkenning door de Dieren-bescherming. Een soort keurmerk voor dierenasielen dus. Om voor deze erkenning in aanmerking te komen moet een asiel zijn werkwijze, het beleid voor onder meer de opname, verzorging en plaatsing van dieren en het personeelsbeleid in kaart brengen.
Een en ander moet minimaal overeenkomen met de wettelijke eisen (het Honden- en kattenbesluit 1999). Aanvullend moet het asiel voldoen aan een aantal extra (welzijns)eisen van de Dierenbescherming. Zo moet men zich committeren aan het euthanasiebeleid van de Dierenbescherming en mogen medewerkers of bestuursleden van een erkend asiel niet zelf fokken of handelen met dieren of jagen.
Asielen kunnen dit aantonen door beleid en werkwijze in een protocol vast te leggen. Dit wordt vervolgens aan de Dierenbescherming voorgelegd. Uiteindelijk beslist een onafhankelijke raad (Raad voor de Erkenning van Dierenopvangcentra Dierenbescherming, REDD) of het asiel de officiële erkenning krijgt. Of erkende asielen zich ook blijvend aan de afspraken houden, wordt regelmatig gecontroleerd.
Tot nog toe kregen de volgende asielen de officiële erkenning van de Dierenbescherming:
|